Bourgogne Côte d’Or
De Côte d’Or is het hart van de Bourgogne. Van Dijon tot Marranges, vijfenzestig kilometer lang en ongeveer twee kilometer breed. De ‘gouden helling’ omvat de Côte de Nuits in het noorden en de Côte de Beaune in het zuiden; in feite één langgerekte, naar het oosten en zuidoosten gekeerde heuvelrug van wijngaarden. Jura kalksteen is het overheersende gesteente. In de Côte de Nuits, is de toplaag een mengsel van klei en kalksteen en is pinot noir de belangrijkste druif. Hier bevinden zich beroemde pinot dorpen als Vosne-Romanée, Chambolle-Musigny en Gevrey-Chambertin. In de Côte de Beaune is er meer kalksteen aan het oppervlak en vind je zowel chardonnay als pinot noir. De beroemde dorpen Puligny-Montrachet, Chassagne-Montrachet, Meursault, Pommard en Volnay zijn hier.
In 2017 is de subappellatie Bourgogne Côte d’Or in het leven geroepen. Technisch gezien is het een extra geografische appellatie binnen de AOC Bourgogne. De naam is gereserveerd voor stille rode en witte wijnen, geproduceerd in 40 dorpen van de Côte des Nuits en Côte de Beaune. Volgens de regelgeving mogen alleen chardonnay en pinot noir worden gebruikt die in dit gebied worden verbouwd. Plantdichtheid, opbrengst en minimaal alcoholpercentage zijn ook vastgelegd. Bourgogne Côte d’Or is op papier een klasse hoger dan de algemene AOC Bourgogne en een niveau lager dan de dorpswijnen. In 2019 verscheen de eerste fles met deze benaming op het etiket. Net als bij de AOC Bourgogne zijn er veel verschillen binnen deze groep; van grootschalig geproduceerde wijnen van druiven uit verschillende wijngaarden in het hele gebied tot single vineyard-wijnen. De Bourgognes Côte d’Or van Wijn op Dronk behoren tot de laatste categorie en hebben het karakter van het dorp waarin de wijngaard ligt.

